Monostore
Member of Bio-Dynamics Group

MONOSTORE

Carlsonstraat 17
(NL) 8263 CA - KAMPEN

+31 38 3370700
info@monostore.com

Contact Downloads Actualiteit
Actua
Postdate: 07/09/2026

Derogatie afgebouwd: wat 170 kilogram stikstof betekent voor uw mestopslag

Sinds 2026 geldt op alle landbouwpercelen in Nederland de gebruiksnorm van 170 kilogram stikstof uit dierlijke mest per hectare. De derogatie is afgebouwd en na 2025 kan er geen derogatievergunning meer worden aangevraagd. Voor uw opslag is dat geen detail: elke kilogram die u niet meer op eigen grond kwijt kunt, moet ergens staan tot hij afgevoerd wordt — en het moment waarop u afvoert, bepaalt wat het kost.

Twee ronde betonnen opslagtanks naast een stal op een landbouwbedrijf
Opslagcapaciteit is sinds de afbouw van de derogatie niet alleen een wettelijke eis, maar ook een positie op de mestmarkt.
In het kort

  • Vanaf 2026 geldt op alle landbouwpercelen 170 kg stikstof uit dierlijke mest per hectare
  • 2025 was het laatste jaar met derogatie: 200 kg buiten NV-gebied, 190 kg in NV-gebied
  • Het verschil is 20 tot 30 kg stikstof per hectare die u niet meer op eigen grond plaatst
  • Drijfmest mag op grasland van 16 februari tot en met 31 augustus, op bouwland van 16 maart tot en met 31 juli
  • Wie kan wachten met afvoeren, onderhandelt anders dan wie moet lossen

Wat er precies veranderd is

Nederland had jarenlang een uitzondering op de Europese norm van 170 kilogram stikstof uit dierlijke mest per hectare. Die uitzondering is in stappen afgebouwd. In 2025, het laatste jaar, gold nog 200 kilogram op landbouwgrond buiten de met nutriënten verontreinigde gebieden en 190 kilogram binnen die gebieden. Na 2025 kan geen derogatievergunning meer worden aangevraagd.

Vanaf 2026 geldt daardoor op alle landbouwpercelen dezelfde norm: 170 kilogram stikstof uit dierlijke mest per hectare per jaar. Dat is de hele wijziging, en tegelijk is het de wijziging met de grootste praktische gevolgen van de afgelopen jaren.

Reken het om naar uw eigen bedrijf

De rekenregel is eenvoudiger dan de discussie eromheen. Het verschil tussen wat u vorig jaar op eigen grond mocht plaatsen en wat u nu mag plaatsen, is 30 kilogram stikstof per hectare als u buiten NV-gebied lag, en 20 kilogram per hectare als u erbinnen lag.

  1. Neem uw plaatsingsruimte van 2025 in kilogrammen stikstof uit dierlijke mest: hectares maal 200 of maal 190.
  2. Neem uw plaatsingsruimte vanaf 2026: dezelfde hectares maal 170.
  3. Trek af. Dat verschil is de hoeveelheid stikstof die per jaar extra van het bedrijf af moet.
  4. Zet die kilogrammen om naar kubieke meters met het stikstofgehalte dat voor uw mest geldt — uit uw eigen mestanalyse, of anders uit de forfaitaire tabellen die RVO jaarlijks publiceert. Gebruik geen vuistregel: het gehalte verschilt aanzienlijk per bedrijf en per mestsoort.
  5. Deel dat volume niet gelijkmatig over het jaar. Het komt vrij wanneer uw dieren het produceren, niet wanneer de afzet uitkomt.

Bij een bedrijf van 60 hectare buiten NV-gebied gaat het om 1.800 kilogram stikstof per jaar die extra afgevoerd moet worden. Wat dat in kubieke meters is, hangt volledig af van uw mestsamenstelling — en juist dat is de reden om met uw eigen cijfer te rekenen in plaats van met een gemiddelde.

Waarom dit een opslagvraagstuk is en geen afvoervraagstuk

De eerste reflex is: meer mest afvoeren. Dat klopt, maar het zegt niets over wánneer. En het moment is precies waar het geld zit.

Drijfmest mag op grasland worden uitgereden van 16 februari tot en met 31 augustus, en op bouwland van 16 maart tot en met 31 juli. Buiten die vensters gaat er niets het land op. Dat betekent dat de vraag naar afzetruimte piekt in dezelfde weken waarin iedereen ruimte zoekt, en wegvalt in de maanden waarin niemand kan uitrijden.

Wie in die piek moet afvoeren omdat de opslag vol is, onderhandelt niet. Wie kan wachten, wel. Opslagcapaciteit is in dit stelsel dus geen kostenpost maar een optie: het recht om op een zelfgekozen moment te leveren. Hoe u de benodigde capaciteit omrekent naar een concrete diameter en wandhoogte, staat in het artikel over het berekenen van uw mestopslag.

De denkfout: precies genoeg bouwen

De verleiding is om exact de wettelijk vereiste capaciteit te bouwen en geen kuub meer. Dat is begrijpelijk en zelden verstandig, om twee redenen.

De eerste is meetkundig. De inhoud van een ronde silo groeit met het kwadraat van de diameter, terwijl de wandlengte maar lineair meegroeit. Een paar meter extra diameter kost verhoudingsgewijs weinig en levert veel volume op. De prijs per kubieke meter daalt dus naarmate u groter bouwt — het omgekeerde van wat de meeste mensen verwachten. De volledige opbouw van die prijs staat in het artikel over wat de prijs van een betonnen mestsilo bepaalt.

De tweede is beleidsmatig. De norm van 170 kilogram is nu het uitgangspunt in plaats van de uitzondering. Een opslag die vandaag precies past, past niet meer zodra er iets verandert aan uw areaal, uw veestapel of de regels. Een silo staat er dertig jaar of langer; het beleid van de afgelopen vijf jaar is minder stabiel gebleken dan dat.

Wat u bij de bouw meeneemt

Als opslag een positie op de mestmarkt is, dan telt niet alleen het volume maar ook wat de opslag u jaarlijks kost om aan te houden. Bij een silo met voegen is de afdichting een voegband met een eigen levensduur, korter dan die van het beton. Bij een foliebassin veroudert de folie en wordt die op enig moment vervangen. Beide zijn terugkerende posten die pas na jaren zichtbaar worden.

Bij een monolithische, ter plaatse gestorte silo is de afdichting het beton zelf. Er is geen onderdeel met een kortere levensduur dan de constructie, dus ook geen vervangingsmoment om in te rekenen. Wie extra capaciteit bouwt om jaren vooruit te kunnen, doet er goed aan die capaciteit ook jaren onderhoudsvrij te houden. De achtergrond staat in het artikel over prefab of ter plaatse gestort.

Kort samengevat

De derogatie is weg en de norm is 170 kilogram stikstof per hectare voor iedereen. Het verschil van 20 tot 30 kilogram per hectare komt niet als een factuur binnen, maar als een volume dat op uw erf staat. Opslag bepaalt of u dat volume op uw moment verkoopt of op dat van een ander.

Meer over de opbouw en de mogelijke maten leest u op de pagina over de betonnen mestsilo.

Hoeveel opslag heeft u nu werkelijk nodig?

Geef ons uw areaal, uw veestapel en uw huidige capaciteit. U krijgt een berekening met de maten en de opbouw die daarbij horen.

Vraag uw berekening aan

Deze tekst geeft de hoofdlijn van de regelgeving weer en is geen juridisch advies. Voor uw specifieke situatie geldt wat uw bevoegd gezag voorschrijft.