Monostore
Member of Bio-Dynamics Group

MONOSTORE

Carlsonstraat 17
(NL) 8263 CA - KAMPEN

+31 38 3370700
info@monostore.com

Contact Downloads Actualiteit
Actua
Postdate: 07/09/2026

Melding of vergunning? Wat u regelt voor u een mestsilo bouwt

Voor de meeste mestsilo’s in Nederland volstaat een melding: het is verboden de opslag in gebruik te nemen zonder dat ten minste vier weken van tevoren te melden. Boven de 2.500 kubieke meter of 750 vierkante meter geldt de opslag als grote mestopslag en is een omgevingsvergunning nodig. In Vlaanderen loopt het via de omgevingsvergunning en VLAREM II. Het verschil tussen die routes is niet alleen papierwerk — het bepaalt hoeveel maanden er tussen uw besluit en de eerste kuub mest zitten.

Luchtfoto van een bedrijfslocatie met ronde opslagtanks tussen de percelen
De procedurele route hangt af van omvang en ligging. Beide staan vast voordat de eerste tekening klaar is.
In het kort

  • Nederland: mestopslag valt onder paragraaf 4.86 van het Besluit activiteiten leefomgeving
  • Melden moet ten minste vier weken voor de start van de activiteit
  • Boven 2.500 m³ of 750 m² is het een grote mestopslag en is een omgevingsvergunning nodig
  • Vlaanderen: omgevingsvergunning, met bouw- en beheersvoorschriften in VLAREM II bijlage 5.28
  • Ontwerpkeuzes die de omvangsgrens raken, maakt u vóór de aanvraag, niet erna

Nederland: de meldingsroute

Het opslaan van drijfmest, digestaat of dunne fractie in een mestbassin is geregeld in paragraaf 4.86 van het Besluit activiteiten leefomgeving. Daar staan het toepassingsbereik, de meldingsplicht en de inhoudelijke eisen bij elkaar.

De kern van de procedure is kort: het is verboden de activiteit te starten zonder dit ten minste vier weken van tevoren te melden bij het bevoegd gezag. Die vier weken zijn een minimum, geen richttijd. In de praktijk is het verstandiger de melding te doen zodra het ontwerp definitief is, omdat een aanpassing na de melding opnieuw moet worden doorgegeven.

Wat er in die melding staat, moet overeenkomen met wat er gebouwd wordt: de aard van de opslag, de omvang en de ligging. Dat lijkt vanzelfsprekend, maar juist bij een silo waarvan de diameter tijdens de engineering nog een halve meter opschuift, ontstaat hier het verschil tussen een vlotte en een moeizame route.

Wanneer het een vergunning wordt

Een mestopslag van meer dan 2.500 kubieke meter of meer dan 750 vierkante meter geldt als grote mestopslag. Daarvoor is een omgevingsvergunning nodig, waarbij vooral de geurbelasting op de omgeving wordt beoordeeld.

Die twee getallen zijn geen alternatieven maar allebei drempels: u komt boven de grens zodra u één van beide overschrijdt. Dat is relevanter dan het lijkt, omdat volume en oppervlak op een verschillende manier meegroeien met uw ontwerp:

  1. Bij een vloeistofhoogte van 4 meter zit u op 2.500 m³ bij een grondvlak van 625 m² — de volumegrens komt dan eerst.
  2. Bij een vloeistofhoogte van 3 meter zit u op 750 m² bij 2.250 m³ — dan komt de oppervlaktegrens eerst.
  3. Staan er al opslagen op de locatie, dan tellen die mee in het gezamenlijke oppervlak.

De omvangsgrens raakt bovendien aan de afstandseisen tot geurgevoelige gebouwen, die op hun beurt van het grondvlak afhangen. Hoe die twee stelsels op elkaar ingrijpen, staat in het artikel over de afstand tussen een mestsilo en een woning.

Vlaanderen: één aanvraag, twee stelsels

In Vlaanderen loopt het anders. Daar heeft u met twee stelsels tegelijk te maken: het Mestdecreet bepaalt hoeveel opslagcapaciteit u moet hebben, VLAREM II bepaalt hoe die opslag gebouwd en beheerd moet worden. De capaciteitseis is negen maanden voor dieren die permanent op stal staan, zes maanden bij weidegang en drie maanden voor vaste mest.

De bouw- en beheersvoorschriften voor mestopslagen staan in bijlage 5.28 van VLAREM II, met artikel 5.9.2.3 als basis voor vloeibare dierlijke mest op het landbouwbedrijf. De aanvraag zelf verloopt via de omgevingsvergunning, waarbij de indelingsrubriek en dus de klasse volgt uit de omvang van de opslag. De volledige uitwerking staat in het artikel over mestopslag in Vlaanderen.

Wat de doorlooptijd in werkelijkheid bepaalt

De procedure is zelden de traagste schakel. Dat is de volgorde waarin de beslissingen genomen worden. Drie momenten kosten in de praktijk de meeste tijd:

  1. Grondonderzoek. Draagkracht, zetting en grondwaterstand bepalen de vloeropbouw en de maatregelen tegen opdrijven bij een lege silo. Zonder die gegevens is elk ontwerp een aanname, en elke aanname een mogelijke wijziging na de melding.
  2. De definitieve maatvoering. Diameter en hoogte bepalen of u onder of boven de drempels blijft. Die keuze hoort vóór de melding of aanvraag te vallen, niet erna.
  3. De afdekking. Een constructieve afdekking legt belasting op de wand en moet daarom in het ontwerp zitten; een drijvende afdekking stelt eisen aan de binnenwand. Welke vorm bij welke silo past, staat in het artikel over het afdekken van een mestsilo.

Waarom de bouwwijze de procedure raakt

Een procedure gaat over wat u aankondigt te bouwen. Hoe nauwkeuriger u dat vooraf kunt vastleggen, hoe minder wijzigingen onderweg.

Bij een ter plaatse gestorte silo zijn diameter en hoogte vrije ontwerpparameters: de wand wordt op de werkelijke vloeistofdruk berekend en niet uit bestaande elementen samengesteld. U kiest dus eerst de maat die procedureel en ruimtelijk het beste uitkomt, en de constructie volgt. Bij een opbouw uit geprefabriceerde elementen is het omgekeerd: de beschikbare elementmaten bepalen mee welke afmetingen haalbaar zijn, en dat kan u ongemerkt over een drempel duwen die u juist wilde vermijden.

Kort samengevat

Onder de drempels is het een melding van ten minste vier weken vooraf; erboven een omgevingsvergunning. In Vlaanderen loopt alles via de omgevingsvergunning met VLAREM II als kader. Wat de route bepaalt, is uw maatvoering — en die legt u het beste vast vóór u iets aankondigt.

Meer over de opbouw en de mogelijke maten leest u op de pagina over de betonnen mestsilo.

Wilt u weten onder welke route uw silo valt?

Geef ons de gewenste capaciteit en de ligging. Wij rekenen de maatvoering door en geven aan waar de drempels bij u liggen.

Leg uw plan voor

Deze tekst geeft de hoofdlijn van de regelgeving weer en is geen juridisch advies. Voor uw specifieke situatie geldt wat uw bevoegd gezag voorschrijft.